Heffingsvrij vermogen 2027 fors omlaag, DGA's krijgen juist korting
Geschreven door Stefan Simic

Op 29 september 2026 stuurde het kabinet een brief naar de Tweede Kamer met aanvullende maatregelen voor 2027. Daarin staat onder meer dit: het heffingsvrij vermogen 2027 in box 3 gaat van 59.357 euro naar 30.846 euro. Bijna gehalveerd.
Diezelfde brief verlaagt tegelijk het hoge tarief in box 2, specifiek voor wie geld uit de eigen BV haalt.
Twee maatregelen, in dezelfde brief, met een heel ander effect. De een raakt de spaarder met een gewone beleggingsrekening. De ander geeft juist korting aan wie al vermogen in een BV heeft opgebouwd.
Kort samengevat de belangrijkste wijzigingen voor 2027:
Heffingsvrij vermogen box 3: van 59.357 euro naar 30.846 euro
Forfait overige bezittingen (beleggingen): omhoog met 1,5 procentpunt
Hoog tarief box 2: vier jaar lang van 31% naar 29,2%
Grens excessief lenen: stapsgewijs van 500.000 euro naar 100.000 euro in 2031
Laten we het rustig doorrekenen, want dat is waar het verschil zichtbaar wordt.
Wat er precies gebeurt: op weg naar een nieuw box 3
Het kabinet wil zo snel mogelijk af van het huidige forfaitaire systeem in box 3, en stapt over op een vermogenswinstbelasting: je betaalt dan belasting over winst die je daadwerkelijk realiseert, in plaats van over een fictief rendement.
Vanaf 2028 geldt dat voor alle financiële instrumenten: aandelen, obligaties en opties. Daarmee valt zo'n 90 procent van het vermogen met waardeontwikkeling onder de nieuwe regels. Vanaf 2030 volgt de rest, waaronder vastgoed.
Die overstap kost het kabinet geld. Voor 2028 en 2029 wordt de derving geraamd op ruim 3 miljard euro per jaar. Die dekking haalt het kabinet uit box 2 en box 3 zelf. Vandaar de maatregelen voor 2027, die ik hieronder stuk voor stuk doorreken.
Heffingsvrij vermogen 2027: minder vrijstelling, hoger forfait
Twee dingen veranderen er in 2027, nog voordat de nieuwe systematiek in 2028 ingaat.
Het heffingsvrij vermogen gaat terug naar het niveau van 2020: 30.846 euro per persoon, tegenover 59.357 euro in 2026. Daarnaast gaat het forfait voor de categorie overige bezittingen, waar je beleggingen onder vallen, met 1,5 procentpunt omhoog. Het exacte percentage voor 2027 wordt na de jaarwisseling definitief vastgesteld op basis van de marktrente en de beursrendementen van 2026, maar de stijging van 1,5 procentpunt staat al vast.
Reken maar mee wat dat betekent voor een gewone belegger.
Stel, je hebt 80.000 euro belegd in box 3, geen fiscale partner.
2026: grondslag na aftrek van het heffingsvrij vermogen is 80.000 min 59.357, ofwel 20.643 euro. Bij een forfait van 6 procent is dat 1.239 euro forfaitair rendement. Daar betaal je 36 procent belasting over, ongeveer 446 euro.
2027: grondslag is 80.000 min 30.846, ofwel 49.154 euro. Bij een forfait van ongeveer 7,5 procent is dat 3.687 euro forfaitair rendement. Daar betaal je 36 procent belasting over, ongeveer 1.327 euro.
Bijna drie keer zoveel belasting. Over exact hetzelfde vermogen, zonder dat er een euro is bijverdiend. Puur door de lagere vrijstelling en het hogere forfait. Wie alleen spaargeld heeft, ontspringt de dans niet: ook daar verdubbelt de belasting ruwweg, simpelweg omdat er veel minder vermogen belastingvrij blijft.
Box 2: een venster van vier jaar om geld uit je BV te halen
Terwijl box 3 duurder wordt, verlaagt het kabinet het box 2 tarief 2027. Vanaf 2027 gaat het tarief van de tweede schijf voor vier jaar met 1,8 procentpunt omlaag, van 31 naar 29,2 procent.
Het kabinet is daar open over: het doel is ondernemers te stimuleren om vastzittend vermogen tegen een lager tarief uit hun BV te halen.
Ook dit reken ik even door. Stel, je keert als DGA 200.000 euro dividend uit.
Tegen het huidige tarief van 31 procent: 62.000 euro belasting.
Tegen 29,2 procent, vanaf 2027: 58.400 euro belasting.
Een verschil van 3.600 euro, puur door het moment van uitkeren te kiezen. Op papier een reëel voordeel. In de praktijk valt dat voordeel voor de meeste DGA's wel mee.
Want dividend uitkeren tegen het hoge tarief is sowieso al zelden de slimste zet. Zolang je het geld in de BV laat staan, stel je de belasting uit en blijft je vermogen ongestoord doorgroeien, zoals ik eerder liet zien in mijn blog over alternatieven voor box 3. Een korting van 1,8 procentpunt verandert daar weinig aan. Die weegt meestal niet op tegen jarenlang belastinguitstel, tenzij je de komende vier jaar toch al grote bedragen privé nodig had.
Dat venster is dus vooral interessant voor wie een fors bedrag in de holding heeft zitten en dat sowieso op korte termijn wil onttrekken, denk aan een pensionering of de verkoop van de onderneming. Voor de doorsnee DGA die rustig vermogen opbouwt, is dat een vrij onwaarschijnlijk scenario. Zie ook mijn eerdere blog over geld uit je BV halen, waarin ik de salaris en dividend afweging verder uitwerk.
Excessief lenen wordt juist strenger
Voor de volledigheid, want dit hoort er eerlijk bij: niet elke maatregel in deze brief is gunstig voor DGA's.
De grens voor excessief lenen 2027 en de jaren daarna gaat juist fors omlaag. In vijf jaarlijkse stappen van 80.000 euro zakt de grens van de huidige 500.000 euro naar uiteindelijk 100.000 euro in 2031. Leningen voor de eigen woning blijven daarbij uitgezonderd.
Dat is een serieuze aanscherping, geen cadeau. Wie geld uit de BV heeft geleend in plaats van dividend uit te keren, krijgt de komende jaren steeds minder ruimte. Meer hierover lees je in mijn blog over alternatieven voor box 3, waarin ik ook de spelregels rond vermogen in de BV bespreek.
Zet dit naast de tijdelijke korting in box 2, en het beeld voor de DGA wordt een stuk minder rooskleurig. Een venster van vier jaar waar de meeste DGA's weinig aan hebben, tegenover een structurele versobering van de leenruimte die iedereen met een BV raakt. Over de hele linie gezien, levert deze brief ook de DGA weinig op. Alleen de partijen met heel grote reserves die toch al van plan waren uit te keren, plukken er de vruchten van.
Dezelfde brief stelt ook een aantal eerder aangekondigde bezuinigingen in de sociale zekerheid uit naar 2029, zoals de kortere WW-duur en het schrappen van de tegemoetkoming voor arbeidsongeschikten. Uitgesteld, niet geschrapt. Ook dat moet ergens vandaan komen, en een deel van die dekking komt dus uit box 3.
Heffingsvrij vermogen 2027 versus het box 2 venster: wie profiteert er werkelijk
Zet de drie maatregelen naast elkaar en het patroon wordt duidelijk, al is het genuanceerder dan het op het eerste gezicht lijkt.
De gewone spaarder en belegger in box 3 betaalt in 2027 grofweg twee tot drie keer zoveel belasting over hetzelfde vermogen, puur door een lagere vrijstelling en een hoger forfait. Die groep heeft geen keuzemoment. Je vermogen staat gewoon op de peildatum, en de rekening volgt automatisch. Daar is geen ontkomen aan.
De DGA lijkt op papier beter af, met een venster van vier jaar en een korting van bijna 2 procentpunt. Maar zoals ik hierboven liet zien, is dat voordeel voor de meeste DGA's vooral theoretisch. Vroeg uitkeren tegen een iets lager tarief weegt zelden op tegen het uitstellen van belasting, en diezelfde DGA krijgt er de komende jaren een stuk minder ruimte voor terug om geld te lenen uit de eigen BV.
De enige partij die hier structureel beter van wordt, zijn de BV's met heel grote reserves die toch al van plan waren om een flink bedrag te onttrekken. Voor hen is 1,8 procentpunt op een groot bedrag wel degelijk serieus geld. Voor de doorsnee DGA en de gewone spaarder blijft er van deze brief vooral een hogere rekening over.
Wat kun je nu doen
Ben je spaarder of belegger in box 3? Breng je vermogen op de peildatum van 1 januari 2027 nu al in kaart, en reken uit wat de nieuwe vrijstelling en het hogere forfait voor jou betekenen. Wachten tot de aangifte volgend jaar heeft geen zin, want de peildatum ligt vast.
Ben je DGA met winstreserves in de BV? Trap dan niet te snel in de verleiding van die 1,8 procentpunt korting. Laat eerst doorrekenen of vroeg uitkeren voor jou daadwerkelijk voordeliger is dan het geld te laten groeien, en houd rekening met de krimpende ruimte om later nog te lenen van je eigen BV.
Wil je weten wat deze plannen concreet voor jouw situatie betekenen, of je nu spaart, belegt of een BV hebt? Reken het na met mijn gratis rekentools, of plan een vrijblijvende kennismaking.
Dan kijken we samen naar jouw cijfers, zodat jij niet de partij bent die straks de rekening betaalt voor andermans belastingvoordeel.
Dit artikel is bedoeld als algemene informatie en niet als persoonlijk fiscaal advies. De genoemde maatregelen zijn op 29 september 2026 als voorstel naar de Tweede Kamer gestuurd en moeten nog door het parlement worden behandeld. Bedragen en percentages kunnen daardoor nog wijzigen.


